Zalmrookaktie 2012

Volg ons op Twitter!

Themaschets: Levende Stenen

Inleiding

Het nieuwe seizoen is inmiddels weer begonnen. In de kerkdiensten en tijdens de huisbezoeken, en daarnaast door verschillende bezinnings- en creatieve activiteiten, geven we invulling aan het thema. In deze schets vindt u een aanzet om over na te denken. Enkele onderdelen worden afgesloten met een paar vragen, die u kunt doornemen voor het huisbezoek, zonder dat die vragen allemaal op het huisbezoek aan de orde hoeven te komen. Het is nog mooier wanneer u zelf vragen selecteert waar u graag het gesprek over wilt.

Natuurlijk is het niet de bedoeling dat dit thema functioneert als een dwangbuis voor het huisbezoek: er is ruimte om alles wat voor een goed huisbezoek van belang is aan de orde te stellen.

Levende Stenen

Het doel van dit jaarthema is om vanuit de bijbel na te denken over hoe we functioneren als gemeente. Wat gebeurt er aan mooie dingen? Waarvoor kunnen we de Here danken? Welke punten kunnen we verbeteren en ook op welke punten gaat het mis?

We kunnen kijken naar de gemeente, maar ook kijken naar onszelf. Zien we ook de dingen in ons leven, persoonlijk en als gemeente, waar bekering nodig is? Hebben we daarbij in beeld hoe we zelf in die gemeente leven? En hebben we oog voor elkaar? Stenen worden gebruikt om huizen van te bouwen. Goede, solide muren zijn belangrijk bij een huis. Ieder van ons is persoonlijk daarbij van waarde. Maar wat is de waarde die we samen met elkaar hebben? Daarom hebben we gekozen voor het beeld dat de bijbel zelf gebruikt voor gelovigen in de gemeente: het beeld van Levende Stenen.

1 Petrus 2: 5: “…laat u ook zelf als levende stenen gebruiken voor de bouw van een geestelijke tempel. Vorm een heilig priesterschap om geestelijke offers te brengen die God, dankzij Jezus Christus, welgevallig zijn.”

Petrus roept ons op om onszelf als ''levende stenen'' te laten gebruiken voor de bouw van een geestelijk huis. De gemeente is dus een bouwproject. Van God! En God brengt dat bouw­werk als het ware in beweging. Want Petrus geeft de richting aan hoe we als Gods kinderen mogen en moeten leven: door het brengen van offers aan God. Paulus schrijft dat aan de gemeente van Efeze:

Efeze 2: 19 e.v.: Zo bent u (…) net als de heiligen, en huisgenoten van God, gebouwd op het fundament van de apostelen en profeten, met Christus Jezus zelf als de hoeksteen. Vanuit hem groeit het hele gebouw, steen voor steen, uit tot een tempel die gewijd is aan hem, de Heer, in wie ook u samen opgebouwd wordt tot een plaats waar God woont door zijn Geest.

God zelf is de ontwerper en bouwmeester. Hij bouwt op het fundament van de apostelen en profeten, en Jezus Christus is de belangrijkste steen: de hoeksteen.

In deze schets worden drie invalshoeken beschreven waarover u kunt nadenken rond dit jaarthema:

  • Christus
  • Ik
  • Wij

Christus

Nadenken over hoe de gemeente reilt en zeilt is interessant. Maar er is een belangrijke val-kuil. Namelijk, dat we denken dat als we maar leuke dingen met elkaar doen, dat het dan goed komt. Natuurlijk, we doen mooie dingen met elkaar. En er zijn plannen om nog meer leuke dingen te doen. Prima. Een activiteitencommissie is in oprichting, we hebben gemeentemaaltijden, rondfietsmaaltijden, we organiseren buurtmaaltijden en we hebben iedere zondag een gastgezin waar gemeenteleden welkom zijn en misschien zijn er nog wel meer zaken. Maar vergeet niet dat het doel van gemeente-zijn dieper gaat.

Dat schrijft Petrus namelijk in vers 4, het vers dat voorafgaat aan het hierboven al genoemde vers:

Voeg u bij hem, bij de levende steen die door de mensen werd afgekeurd maar door God werd uitgekozen om zijn kostbaarheid.”

Die ‘hem’, dat is onze Heer Jezus Christus! Hij is de levende steen. En Hij is kostbaar in Gods ogen. Omdat de Vader van de Zoon houdt! En hoe belangrijk de plaats van de Heer Jezus is, geeft Petrus aan door met een citaat uit het Oude Testament te wijzen op zijn functie als hoeksteen.

“In de Schrift staat immers: In Sion leg ik een hoeksteen die ik heb uitgekozen om zijn kostbaarheid; wie daarop vertrouwt, komt niet bedrogen uit.’”

De hoeksteen is de voornaamste steen van het hele gebouw. Hij is zichtbaar voor iedereen en op die hoeksteen rust de hele constructie. Zonder die steen wordt het hele gebouw uit zijn voegen gerukt. En die steen ligt in Sion. Je mag nu zeggen: in de gemeente van Christus. Zie je, God heeft het liefste wat Hij had in ons midden neergelegd: Jezus Christus, zijn Zoon.

Vragen:

  1. Als je naar onze gemeente kijkt, in hoeverre gaat het dan in onze gemeente om de Heer Jezus Christus?
  2. Op welke manieren blijkt dat?
  3. Als het eerste in je ogen minder sterk is, wat is naar jouw idee wel belangrijk als je kijkt naar het functioneren van onze gemeente?
  4. Johannes schrijft in het begin van Openbaringen een brief aan zeven gemeenten. Hij typeert ze allemaal op een bepaalde manier. Stel dat hij in 2011 nog een brief zou schrijven over onze Immanuel-gemeenschap, wat zou hij dan schrijven? Je kunt volstaan met een paar kernwoorden.

Ik

En dan is de brandende vraag: Voeg je je bij Hem? Zonder Hem leef  je niet! Bij Hem krijg je het leven terug en blijf je niet in de zonde zitten.

En zoeken we bij alles waar we in de gemeente druk mee bezig zijn, onze Here Jezus Christus? Hij is het fundament van ons leven. Maar beginnen we ook steeds bij Hem, bij wat Hij allemaal voor ons heeft gedaan? Als je dat namelijk vergeet loop je het risico om te vallen in een soort geloofsactivisme. Daarmee bedoel ik: je wilt jezelf van je beste kant laten zien als gelovige, maar je vergeet wat je ontvangt van Christus Jezus. Het is dus altijd: Eerst naar Hem, de levende Steen!

En daarom is de verkondiging van die boodschap, wekelijks in de Immanuelkerk, zo belangrijk. Om niet te vergeten dat het leven als gelovige en als gemeente niet bij onszelf begint, maar bij onze levende Heer. Dat vieren we aan de Avondmaalstafel.

En dan de oproep: Laat je als levende stenen gebruiken! Zie je jezelf als een levende steen? Levende stenen zijn mensen. En mensen zijn allemaal verschillend: met een verschillend gevoel, een verschillend karakter en verschillende gaven. De Here wil zijn gemeente bouwen met al die verschillende levende stenen. Petrus roept ons niet voor niets op om je te laten gebruiken. Je kunt namelijk ook de bouw tegenwerken.

Vragen

  1. Hoe gevoelig zijn we in onze gemeente voor ‘activisme’: dat we door onze daden proberen Gods liefde te verdienen? En hoe gevoelig ben je daar zelf voor?
  2. In hoeverre staat Christus centraal in jouw leven? Welke plaats heeft hij in jouw leven?
  3. Stel dat de Here Jezus terug zou komen en jouw leven hier en nu zou typeren, wat zou Hij dan zeggen over jou christen-zijn?
  4. Aan welke activiteiten in de Immanuelkerk doe je actief mee? Met welk resultaat en wat levert het je op?
  5. Stel dat je vaststelt dat je maar weinig meedoet aan activiteiten in de gemeente. Heb je daar een verklaring voor?
  6. In een gemeente van 1400 kerkleden zijn de verschillen enorm groot. Welke kwaliteiten/ gaven die jij hebt gekregen zet je in in onze gemeente?
  7. Welke kwaliteit van jou zouden ze in de Immanuelkerk meer kunnen inzetten en wil je dat ook? Wat weerhoud je om die kwaliteiten in te zetten?
  8. Zie je jezelf ook als een ‘levende’ steen in het bouwwerk van Christus, de Immanuelkerk in Bunschoten-West? Op welke manier ben je dat?

Wij

In Efeziërs 4 geeft Paulus voorschriften, hoe je je moet laten gebruiken in de bouw. Heb het welzijn van je mede bouwstenen op het oog. Wees niet bikkelhard tegen elkaar. Vergeet de gemeenschappelijk ''Bouwheer'' niet: de Here God. Je mag geen andere steen laten barsten, je mag geen stenen wegwerken, je mag niemand als een baksteen laten vallen.

In Galaten 5 (vers 22) schrijft Paulus over wat er te zien is wanneer je je laat leiden door de Heilige Geest. Het gaat dan over de vruchten van de Geest die zichtbaar zijn in het leven van gemeenteleden. Het gaat dan om liefde, vreugde, vrede, geduld, vriendelijkheid en goed-heid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing.

Hoe ziet een stevig gemeentegebouw er uit? Zorg voor goed cement. Je moet de stenen maar niet een beetje op elkaar stapelen. Dan valt de boel zo weer in duigen. Zorg door zacht-moedigheid, door nederigheid, geduld en de band van de vrede dat je een hecht en stevig bouwwerk bent. Laat je steeds weer inspireren door Gods liefde en laat die liefde het voor-beeld en de kracht zijn om als bouwproject van God hecht samen te leven in deze wereld. Aan de ene kant zijn we dus bouwstenen van het bouwwerk dat God aan het bouwen is. Dat betekent dat we elkaar ook nodig hebben en elkaar mogen bemoedigen en opbouwen. Tegelijk doet Paulus ook een krachtige oproep in Galaten 5 om naar elkaar om te zien en op elkaar toe te zien. Als je ziet dat de ander een misstap doet, dan moet u de ander zacht-moedig ook weer naar het rechte pad brengen (Gal. 6: 1). Dat betekent dus niet dat je de ander maar aan zijn lot overlaat, maar dat je actief bent en omziet naar die ander.

Vragen

  1. Is in jouw omgang met de andere gemeenteleden liefde het bindmiddel? Kun je een voorbeeld noemen waaruit dat blijkt?
  2. Zijn er eenzame ‘stenen’ (gemeenteleden) in uw wijk? Zie je daar ook een taak voor jezelf?
  3. Zijn er ‘stenen’ in uw buurt, die de band met het gebouw (de gemeente) dreigen kwijt te raken? Wat doe je daar aan en wat kun jij daarin betekenen?
  4. Steeds meer jongeren verlaten de kerk of leven soms als rand-kerkelijk. Hebben we voldoende oog voor hen en op welke manier kunnen we hen beter bereiken?
  5. We willen in de Immanuelkerk meer gaan werken met wijk- of groeigroepen. Bedoeld om ook in kleiner verband meer naar elkaar om te zien en elkaar op te bouwen. Hoe kijk je daar tegen aan? Zou je hier aan mee willen werken?